Waterschap Reest en Wieden | project Bokashi van maaiafval

HOOGEVEEN Waterschap Reest en Wieden gaat dit jaar proeven doen met enkele duurzame plannen voor het bermmaaisel dat nu steevast langs de slootkanten blijft liggen. „Er zijn al langere tijd plannen, nu is het tijd voor actie”, zegt Henk Post, sectorhoofd watersysteem.

„We hebben een heleboel van dat spul”, zegt Post met een lach, „1,9 miljoen ton om precies te zijn. Dat is zo veel dat het eigenlijk niets meer zegt. Ter vergelijking; Attero verwerkt per jaar 600 ton GFT. Dit is dus drie keer zo veel.” Het groen blijft nu aan de slootkant liggen na het maaien. Dat wil Reest en Wieden graag omzetten naar een duurzaam product. „We willen het maaisel van afval omzetten naar grondstof. We willen het dus gaan ‘oogsten’. Reest en Wieden heeft echter verstand van waterbeheer, maar niet van duurzame initiatieven.” Daarom heeft het waterschap in juni een bijeenkomst gehouden, getiteld ‘Het groene goud van het Noorden groeit langs de sloot’, met de Kamer van Koophandel en innovatieve ondernemers om te kijken welke mogelijkheden er zijn met dit maaisel. „We zoeken niet alleen duurzame oplossingen, maar hopen ook een kostenverlaging te kunnen realiseren.’

DRIE PROJECTEN

Daaruit zijn drie concrete projecten voortgekomen, waarvan het waterschap samen met ondernemers de haalbaarheid wil onderzoeken. Zo wil Reest en Wieden van het gemaaide bermgras en de waterplanten uit de sloot samen met biohars planken maken die gebruikt kunnen worden als walbeschoeiing. „Van die soort planken gebruiken we als waterschap op jaarbasis ettelijke kilometers. We gaan onderzoeken of het maaisel zoals er dat nu ligt hiervoor geschikt is. Het kan ook zijn dat er op een andere manier gemaaid moet worden. Als dat zo is, kunnen we kijken of we het maairegiem kunnen aanpassen.”

BOKASHI

Een ander plan dat de komende tijd uitgewerkt gaat worden is het maken van bokashi van de plantenresten. Bokashi is een grondverbeteraar vergelijkbaar met compost maar bij dit proces wordt het groenafval gefermenteerd. Post: „Dat zou goed zijn voor de landbouwgrond, want die wordt steeds armer aan organische stoffen. Daardoor houdt de grond steeds minder mineralen vast, spoelt de grond sneller uit en is deze veel droogtegevoeliger.” In dit plan heeft ook Wetterskip Fryslân interesse getoond.

Het derde plan wat onderzocht gaat worden is het maaisel verwerken tot groen gas. Post: “Dat is geen project wat we zelf gaan doen. Daar moet je eerder .denken aan waterschap Vechtstromen omdat in Klazienaveen een biovergister staat.” De grootste uitdaging is namelijk niet het maken van duurzame producten, maar om dit rendabel te doen. Daarbij is het allerbelangrijkste vraagstuk hoe krijg je de tonnen maaisel van de slootkant naar de plek waar deze verwerkt wordt. „De bermkanten zijn natuurlijk niet de makkelijkst bereikbare plekken. Bovendien is het gebied waar dit maaisel geoogst moet gaan worden erg uitgestrekt.” Om de duurzame plannen uit te werken is een subsidieaanvraag gedaan bij de provincie. Directeur Post is er echter stellig over, „Subsidie is nodig om een project op te zetten, maar uiteindelijk moeten de producten zichzelf wel kunnen bedruipen.”

 

Bron: Dagblad van het Noorden, door Leonora de Vries. Augustus 2014

Foto: Provincie Drenthe

Dit vind je misschien ook leuk...